Skip to content

Onderweg naar kennisproductiviteit 2.0

20 april 2011

Een groot deel van de kennis van organisaties is opgeslagen in de hoofden en ‘tussen de neuzen’ van de medewerkers. Als we die willen benutten als strategische hulpbron is het belangrijk om te weten wat mensen motiveert om bestaande kennis te delen of nieuwe kennis te ontwikkelen en wat hen verhindert dit te doen. Wanneer organisaties snappen wat kennisuitwisseling tussen werknemers beïnvloedt, kunnen we kennisproductiviteit stimuleren, en daarmee de productiviteit en het innoverend vermogen van de organisatie als geheel. Social media veranderen de manier waarop we werken, en vooral: waarop we kennis delen. Maar dat gaat niet heel snel.

Social Media en kennisproductiviteit

Social media-gebruik triggert manieren van samenwerken met een heel nieuwe cultuur van leren en kennisdelen. De ontwikkeling gaat snel – er zijn ontelbaar veel applicaties voor het delen, vergelijken en uitwisselen van informatie, meningen, roddels, foto’s en video’s. Steeds meer mensen gebruiken sociale, interactieve en collaboratieve (web)applicaties. Medewerkers gebruiken social media tools als MSN, wiki, blogs, twitter… dagelijks in hun vrije tijd. Vooral de jongere generatie is opgegroeid met Internet, en ziet het als vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijks leven. Dat geeft een bepaalde druk om ook binnen bedrijven met deze tools te starten.

Onderzoeksbureau Gartner stelt bijvoorbeeld dat social media van essentieel belang aan het worden zijn voor bedrijven. Organisaties zijn niet langer gesloten en hiërarchische bolwerken met individuele werkplekken en strakke werknemer-werkgever relaties. Organisaties worden steeds meer gezien en bestuurd als zelf-organiserende, interactieve en collaboratieve netwerken. Social media kunnen worden ingezet om in een organisatie een bepaalde manier van werken te ontwikkelen als het gaat samenwerking, openheid, shared decision making, omgaan met macht en het delen van kennis. Ze bieden een kans om gerichte interventies te ontwikkelen die de samenwerkingscultuur en kennisproductiviteit positief beinvloeden. Als we ze tenminste gebruiken op een passende manier.

Digital Immigrants en Digital Natives

Naast de vele mogelijkheden, komt een organisatie die meer gebruik wil maken van social media voor onderlinge kennisdeling ook veel uitdagingen tegen. Hoe krijg je bijvoorbeeld alle medewerkers zover dat ze een bepaalde tool, die jij als organisatie uitkiest, gaan gebruiken? Ook al hebben ze verschillende voorkeuren, ervaringen en misschien zelfs vooroordelen? Volgens Tapscott en Williams (2008) is zeker voor de ‘digital immigrants’ het omschakelen naar social media gebruik op het werk heel impactvol. Het gaat om meer dan het leren van een bepaalde techniek, wat het vraagt is een verschuiving van oude vertrouwde manier van werken naar nieuwere, meer open en collaboratieve werkmethoden. ‘Digital natives’ zijn al gewend aan het benutten van social media tools en voelen zich meer op hun gemak met de geschreven en ongeschreven regels die daar gelden, en de wijze van samenwerken die erbij hoort. Zij vormen dan ook de groep die een sterke invloed zal hebben op het doorbreken van de nieuwe open, interactieve en collaboratieve manier van werken.

Persoonlijke en organisatieverandering

Ik denk dat het belangrijk is dat individuele kenniswerkers overtuigingen en competenties ontwikkelen die nodig zijn om de kracht van sociale media ten volle te gebruiken voor hun leren en voor een kennisproductieve manier van werken. Er is daarnaast ook een verschuiving nodig in de manier waarop we onze organisaties vormgeven. In januari 2011 waren meer dan 1,9 miljard mensen online. Het grootste deel van hen is actief op online sociale netwerken, waar ze communiceren, spelen, zaken doen, inhoud uitwisselt, enzovoort. Ze doen dit geheel uit eigen beweging, zonder dat er een interventie aan te pas komt. Zo vanzelfsprekend is het in bedrijven nog niet.

Het is niet zo gek dat een heleboel mensen en organisaties moeten wennen aan deze overgang. Het industriele tijdperk heeft ongeveer 250 jaar geduurd. Onze samenleving, organisaties, scholen en economie zijn volledig ingericht naar die realiteit.

De overgang naar organisaties 2.0 en kenniswerkers 2.0 is dan ook geen simpele stap. Daarvoor hebben we nog heel wat muren te slechten, die in de afgelopen 100 jaar tussen afdelingen en organisaties zijn opgebouwd. Maar door daaraan te werken, langzaam maar zeker, ontstaat spanning op de krachtige en gevestigde concepten van het industriële tijdperk: beheersbaarheid en hiërarchische structuren, vaste functies en workflow-, controle-, procedures. Deze concepten werken steeds minder in een samenleving waarin flexibiliteit, globalisering, diversiteit, netwerk, kennis en uitwisselen, passie, autonomie en authenticiteit van toenemend belang zijn. Dus ze veranderen. We zijn onderweg.

2 reacties leave one →
  1. 30 mei 2011 08:46

    Wanneer delen medewerkers de informatie die in hun hoofd is opgeslagen? In mijn ervaring is dit afhankelijk van een tweetal factoren:
    1. motivatie van de medewerkers tot kennisdeling, ze moeten het nut zien
    2. mogelijkheden tot kennisdeling

    Wanneer er een acuut probleem is op de werkvloer of wanneer een nieuwe medewerker ingewerkt moet worden, zijn de meeste medewerkers bereid hun eigen kennis te delen met elkaar. De medewerker ziet dan namelijk het directe nut van zijn kennisdeling: het probleem moet opgelost worden, de nieuwe collega moet zijn werk kunnen doen. Ook wanneer een bedrijf aanwezige kennis wil borgen in bijvoorbeeld een informatiesysteem, zijn medewerkers bereid hieraan mee te werken. Het moet de medewerker dan wel duidelijk gemaakt worden dat zijn kennis waardevol is voor de organisatie en dat er daadwerkelijk wat gebeurt met zijn input.

    Gezien het bovenstaande, vindt veel kennisdeling ‘on-the-job’ plaats. Tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden, of tijdens pauzes (het praatje bij de koffieautomaat). Voor kleine bedrijven of in productie-omgevingen zijn dit de meest voor de hand liggende plaatsen om kennis te delen. Voor grotere bedrijven of bedrijven waarbij medewerkers verspreid werken over diverse afdelingen of vestigingen, is dit echter niet voldoende. Dan zijn sociale media een prachtig middel om onderling te communiceren en kennis uit te wisselen.

    Ik zou niet als uitgangspunt willen nemen dat álle medewerkers moeten werken met sociale media. Niet voor elk bedrijf of elke functie hebben sociale media toegevoegde waarde. Bovendien geloof ik niet in verplichten. Zodra medewerkers verplicht moeten werken met sociale media, gaan de hakken in het zand, mede omdat ze het nut er niet van inzien (sociale media lijken het doel op zich te zijn).

    Ik geloof wel in een aanpak van faciliteren en stimuleren. Bekijk binnen een bedrijf welke afdelingen, projectgroepen of functies écht wat zouden kunnen hebben aan sociale media. Zorg ervoor dat zij de technische mogelijkheden krijgen (toegang tot de sociale media) en geef hen een presentatie over het gebruik ervan.
    Laat deze medewerkers er een tijdje naar eigen inzicht mee werken. Hun (positieve) ervaringen zullen zich door het bedrijf verspreiden en ook andere collega’s stimuleren ‘toch ook eens wat te doen met sociale media’.

    Wat de bezwaren van Sanne betreft:
    Het delen van kennis via sociale media kost uiteraard tijd. Maar het bespaart uiteindelijk ook tijd! Medewerkers vinden (en geven) er antwoorden op vragen, zodat ze hun werk goed kunnen uitvoeren. Medewerkers die proberen zelf het wiel uit te vinden of via andere kanalen zoeken naar de benodigde informatie, zullen toch minstens zoveel tijd ‘verdoen’.
    En uiteraard zullen medewerkers teksten of opmerkingen het werk opslingeren die weinig met hun werkzaamheden te maken hebben. Vooral in het begin. Ik verwacht echter dat dit verdwijnt zodra het ‘nieuwe’ er af is van sociale media op het werk. Medewerkers zullen het zelf op een gegeven moment ook vervelend vinden om zich een weg te banen door nutteloze informatie. Maar als de cultuur ernaar is, zullen ze elkaar daar ook op kunnen aanspreken.

    Sietske de Pont
    Kusoma Opleiding & Advies

  2. Sanne Reijniers permalink
    22 april 2011 18:48

    Wat zou het mooi zijn als binnen organisaties kennis delen als vanzelf gaat, net zoals het succes van sociale media als vanzelf lijkt te gaan. Dat sociale media een middel voor kennisdelen kan zijn, is bekend. Er zijn ontelbaar veel mogelijkheden van sociale media, dat ik me afvraag of er ook een overload kan ontstaan aan het gebruik van sociale media (en daarmee kennisdeling) binnen de organisatie…

    Om alles bij te houden en zelf natuurlijk bij te dragen kost namelijk veel tijd, die ook weer kan zorgen voor minder productiviteit en effectiviteit? Je kunt dan wellicht grenzen stellen aan de tijd die men besteedt, maar dit kan demotiveren bij medewerkers.

    En bij een medium als twitter slingeren ook veel mensen dingen op het web die niets met kennis delen te maken heeft (zeg maar: “o nee, ik sta in de file”)… Hoe pak je dat aan? Als je om deze reden meer regels stelt aan het gebruik, gaat de lol er misschien al gauw af en dan zijn mensen minder gemotiveerd om deel te nemen. Juist het leuke van social media vindt men de vrijheid om alles te delen wat men wil.

    Het is belangrijk om een balans te vinden en ben benieuwd wat jouw mening hierover is.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: